KR | Klankbordgroep Rijonderwijs
Van rijscholenbranche naar rijonderwijssector

KR heeft een referentiestructuur met afspraken die binnen het rijonderwijsdomein gebruikt moeten worden om samen te werken in ketens. Binnen de Nederlandse overheid worden er landelijke afspraken gemaakt, die vast komen te liggen in de CCA. De KR conformeert zich aan de CCA afspraken en concretiseert deze. KR gaat in bepaalde opzichten verder dan de CCA. Er wordt veel concreter aangegeven hoe de structuurafspraken geïmplementeerd kunnen worden.

 

CCA heeft als doel de dienstverlening van de overheid te verbeteren. Hiervoor moeten overheidsorganisaties samenwerken. De CCA omvat een visie over de gewenste dienstverlening en geeft principes die overheidsorganisaties kunnen gebruiken om dit toekomstperspectief te realiseren. De principes zijn vooral bedoeld om gemeenschappelijke doelstellingen na te streven. Kern van deze principes is dat overheidsorganisaties makkelijk moeten kunnen samenwerken in ketens en hierbij standaarden volgen. Ketenpartners kunnen zelf bepalen op welke wijze de doelstellingen gerealiseerd moeten worden.

 

Het gebruik van principes biedt veel vrijheid aan ketenpartners. Dit is ook essentieel op nationaal niveau, waar samenwerking tussen bijvoorbeeld het rijonderwijsdomein en gemeentes en andere keten vorm moet worden gegeven. Deze domeinen verschillen sterk in doelstellingen, organisatiestructuur en bestuurlijk krachtenveld. Er is dus vrijheid nodig om de koppelvlakken tussen deze domeinen af te spreken. Binnen het rijonderwijsdomein zijn er aanvullende afspraken nodig. Deze zijn vooral nodig voor de sturing van projecten. De samenhang tussen projecten moet geborgd worden en er moet geborgd worden dat de kennis die wordt opgedaan in projecten wordt gedeeld met andere projecten. Dubbel werk moet voorkomen worden en er moet een duidelijk groeipad naar de gewenste situatie komen, waarin de bijdrage van de diverse projecten duidelijk is. Bij het uitwerken van een dergelijk groeipad moet rekening worden gehouden met beleidsprioriteiten, zowel van het veld als van het ministerie van I en W.

 

KR moet daarom in veel sterker mate dan de CCA in staat zijn om duidelijke kaders mee te geven aan projecten. Een project wil duidelijkheid. Er moet daarom aan een project duidelijk worden aangegeven welke kaders gevolgd moeten worden en welke afhankelijkheid er bestaat van andere projecten. De KR werkt daarom aan een concrete uitwerking van de gewenste situatie, met de ketenprocessen waarin wordt samengewerkt, de gegevens die gezamenlijk worden gebruikt en een gemeenschappelijke infrastructuur die de onderlinge informatie-uitwisseling ondersteunt. De projecten leveren een bijdrage aan het realiseren van deze gewenste situatie.

De CCA biedt principes en kaders voor de inrichting van de informatiehuishouding van de Nederlandse overheid. Eén van de basisprincipes van de DLO is aan te sluiten bij CCA. In de aansluiting bij CCA maken we vooral gebruik van die onderdelen van CCA die het meest bijdragen aan de realisatie van de overige basisprincipes.

 

Binnen het rijonderwijsdomein kan de informatie-uitwisseling per sector sterk verschillen. De KR streeft er naar om vooral op technisch gebied zo veel mogelijk te standaardiseren. Hoe de informatievoorziening binnen een sector wordt geregeld is een verantwoordelijkheid van die rijonderwijssector zelf. Er wordt wel steeds bekeken of er meer samenwerking mogelijk is. Dit speelt met name bij gemeenschappelijk gebruik van infrastructuur en hanteren van dezelfde standaarden.

 

Uiteindelijk zal op basis van de KR of een sectorarchitectuur een organisatie in het rijonderwijsdomein haar eigen architectuur/structuur kunnen maken. Dit kan een organisatiebrede (enterprise) architectuur zijn, en/of een op ketensamenwerking gerichte ketenstartarchitectuur (KSA).

 

Hoe sluit KR aan bij de kaders van het Rijk?

De KR sluit aan bij de principes van de CCA, de standaarden van het College van Standaarden en bouwstenen van de Generieke Digitale Infrastructuur (GDI). In de DLO worden de CCA principes verder geconcretiseerd, waar mogelijk tot het niveau van ontwerpeisen.

De standaarden van het College van Standaardisatie worden toegepast bij de informatie-uitwisseling met andere overheden. Voor de informatie-uitwisseling binnen het onderwijsdomein wordt per standaard de mogelijke toepassing bekeken en het werkingsgebied vastgesteld. Er kunnen per werkingsgebied andere keuzes worden gemaakt.

 
 
Elke bezoeker van deze website wordt geacht kennis te nemen van de gebruiksvoorwaarden van Dutch Lapétus. Het raadplegen van deze website betekent dat de bezoeker deze gebruiksvoorwaarden begrijpt, aanvaardt en erdoor gebonden is.